Eurobirdwatch 2019

Een snel rondje langs mijn natuurvrienden wijst uit dat Eurobirdwatch dit jaar geen grote opkomst gaat opleveren. Helaas.
Ik hoor u denken: Eurobirdwatch, wat is dat dan weer? Eurobirdwatch wordt jaarlijks georganiseerd om op één dag op zo veel mogelijk plaatsen de vogeltrek in beeld te brengen.
Gelukkig laat M , mijn trouwe partner bij de patrijzen inventarisatie, weten wel te willen te komen. Met zijn tweeën zie je tenslotte altijd meer en alleen is ook maar alleen. Toch?
Ik kies niet voor onze officiële telpost bij de Loonse Waard, maar voor mijn hobbyproject bij de Wezelse Plas. Lekker rustig en nu de trek naar haar hoogtepunt gaat, ben ik benieuwd wat we daar te zien gaan krijgen.

De eerste kollen

Bij het eerste ochtendlicht loop ik het pad op naar de telpost. Op de plas, die niet zichtbaar is door de begroeiing, klinkt een kakofonie van ganzen. De plas wordt namelijk gebruikt als slaapplaats voor grauwe ganzen en in dit jaargetijde verzamelen ze zich weer in grote groepen. Ik besef me dat de hele club al snel het luchtruim zal kiezen met als gevolg een oorverdovend lawaai.

Vanaf het moment dat de eerste ganzen uit het bos omhoog komen, vult de lucht zich met formaties die alle kanten op gaan. Laag wegvliegende groepen tel ik niet mee als trek, die gaan vermoedelijk ergens in de buurt wel weer landen. De hoger vliegende groepen juist wel.
Al snel klinkt ook voor het eerst dit najaar de roep van een kolgans. Deze soort komt helemaal van het hoge noorden in onze regio overwinteren. Ik houd van kolganzen, als zij er zijn is het weer herfst en dat is toch een van mijn favoriete seizoenen naast de lente.

kolganzen

M. arriveert kort na mij en we hebben het snel druk. Bij het eerste licht begint het meteen te vliegen. We horen de piepjes van de graspieper en de luide tsjirp van de veldleeuwerik. Maar we zien ze vrijwel niet. Soms een of twee als we geluk hebben. Het niet geweldige zicht op de post helpt daar ook niet bij. Links en rechts staan bomen die het uitzicht enig zins belemmeren. Uit het bos achter ons komen kleine groepjes zanglijsters tevoorschijn en trekken weg richting zuid. We zien zelfs een groep van vijfenzeventig vogels overvliegen. Een prachtig gezicht.
De aanwezige bewolking word met de noordenwind snel weggeblazen en we kijken tegen een vrijwel wolkeloze blauwe hemel aan. Voor trektellers een lastige situatie want je ziet die kleine vliegers dan vrijwel niet meer. En al helemaal niet als ze de noordenwind in de rug hebben, want dan gaan ze omhoog en lossen als het ware op in het blauw.

Grote zilverreigers

Bij aankomst heeft M. al een zestal grote zilverreigers naar zuid zien vliegen. Ik zelf mogelijk ook twee maar ik sta te stuntelen met de telescoop jammer genoeg. Tot onze verrassing komen er gedurende de ochtend steeds weer groepjes zilverreigers uit het bos omhoog om te verdwijnen naar de graslanden in de regio. Met name tussen Wijchen en Beuningen zijn er altijd veel te vinden. Uiteindelijk tellen we er drieëntwintig. De plas is dus ook voor de grote zilverreigers een slaapplaats. Zo leer ik weer bij elk bezoek iets nieuws.
Langs de leigraaf ontdekken we een vreemde vogel. Ik maak het beest eerst uit voor een Indische gans, maar M. weet zeker dat het dat niet is. “Die heeft streepjes op de kop of zoiets”. Duidelijk, de exoten zijn niet echt mijn afdeling. Vermoedelijk komt het dier van boerderij de Kavel af waar veel exotische ganzen en eenden worden gehouden. Later thuis blijkt het om eens muskuseend te gaan.

Koud

Grote aantallen worden het niet deze ochtend. Wel vliegt het met kleine groepjes lekker door en we hebben genoeg te zien en te beleven. De eerste sijsjes, keep en koperwiek van het najaar laten zich ook horen deze ochtend. Persoonlijk vind ik de luid roepende boomleeuwerik erg leuk. Een soort die ik hier denk ik niet heel veel ga tegenkomen.

Graspiepers

Het is wel koud. Door de noordenwind recht op ons gezicht, raak ik koud tot op het bot. Na tienen vind ik het wel mooi geweest. De trek is al een tijdje op haar hoogtepunt geweest voor deze dag en de krenten blijven uit. Tijd om te gaan dus en het een volgende keer weer eens te proberen. Elk bezoek is weer anders, maar door er regelmatig te komen leer je wel wat er leeft en hoe het zich beweegt. Dat vind ik erg boeiend. M. heeft ook zichtbaar genoten van de ochtend en is enthousiast als altijd. Sluit je dus gerust vaker aan!
De uiteindelijke resultaten kun je hier onder terugvinden.

Trektellen bij de Wezelse Plas

Trektellen

Als je deze site wat beter hebt bekeken, zal je duidelijk zijn geworden dat vogeltrek mij erg interesseert. Voor mij is het de mooiste manier van vogels kijken. Dat begon voor mij als beginnend vogelaar op de Bruuk in Groesbeek waar toen net een nieuwe telpost was begonnen. Uit nieuwsgierigheid ben ik er naar toe gegaan en het heeft me meteen gegrepen. Vol verbazing zag en hoorde ik wat vogels tellen werkelijk inhield en ik vroeg me af of ik dat ooit wel zou kunnen leren. Nu, een aantal jaren verder, heb ik de beginselen wel onder de knie, maar een volleerd teller ben ik nog lang niet. Ik heb er wel de nodige moeite voor gedaan de afgelopen jaren, met name op de telpost van het zweefvliegveld Malden.

Trektellen leer je alleen door uren te maken, veel uren, en dat is nu juist steeds moeilijker geworden als vader van een jong gezin. Vandaar dat ik al meerdere pogingen heb gedaan een telpost dichter bij huis te vinden. Het resultaat daarvan is de officiële telpost (zie www.trektellen.nl) bij de Loonse Waard in Wijchen waar we nu af en toe gebruik van maken met een aantal enthousiaste natuurliefhebbers. Maar het moet nog dichter bij huis kunnen dacht ik. Een plek om de hoek, waar ik met de fiets naar toe kan. Speurend op de kaart viel mijn oog op de Wezelse Plas. Vrij zicht naar noord: check. Bereikbaar met de fiets: check. Vogels aanwezig: check.
Vreemd genoeg ben ik daar tot nu toe maar amper geweest en na een goedkeurende korte verkenning besloot ik dat ik het dit najaar daar maar eens ga proberen. Het plan is om er tijdens een heel seizoen najaarstrek regelmatig naar toe te gaan en de tellingen bij te houden en op www.waarneming.nl te zetten. Dan zou wel duidelijk worden of het een geschikte plek is of niet. Bij geschiktheid kan ik er dan altijd nog een officiële telpost van maken.

Het ijsvogeltje komt regelmatig langs bij de telpost

Eerste bezoeken

Gedurende augustus en september heb ik de eerste zes bezoeken gebracht aan de telpost. Voor conclusies is het nog veel te vroeg, maar ik ben voorzichtig positief. Het trekseizoen komt nu pas goed op gang en de komende twee maanden gaan met name uitwijzen wat het wordt. Toch heb ik al verschillende leuke dingen gezien zoals een groep van vijftig ooievaars, twee bruine kiekendieven en twee wespendieven. Ter plaatse waren er vooral heel veel boerenzwaluwen te zien waarbij het heel lastig te zien was of ze nu doortrokken of niet. Mijn indruk is dat ze er met name bleven hangen om te foerageren. Van deze bezoeken heb ik de resultaten samengevat in een overzicht. Aan het einde van het trekseizoen maak ik de balans op en zal ik de conclusie hier presenteren samen met de volledige resultaten.

Wespendief op 19 augustus 2019

Resultaten

Koninginnenpage (2)

Zo had ik in één keer twee rupsen van de koninginnenpage in huis. De grote rups bleek zeer vraatzuchtig en vorderde dagelijks een vers plantje van de peen. Had ik even geluk dat die gewoon in mijn voortuin groeit! Maar zelfs dat leek even niet genoeg omdat ik zag dat de grote rups de kleine rups leek aan te vallen. Kannibalisme? Ja, je weet niet, als de honger groot genoeg is doe je vreemde dingen. Dat geldt ook vast voor rupsen. Een informatief rondje langs de experts gaf uitsluiting: nee hoor, ze vreten elkaar niet op. Wat ze wel doen is vervellen. Ze trekken hun jasje uit als ze hard groeien en dat kun je dan ook zien liggen. Dat was nieuw voor mij.

Na een dag of zes nam de grote rups plaats op een van de stokjes in het verblijf en de volgende ochtend kon je zien dat ze zich op een aantal plaatsen had vastgemaakt. Het verpoppen was begonnen! Weer een ochtend verder zat er ineens een pop aan het stokje terwijl de vorige avond nog er een rups had gezeten. Wonderbaarlijk hoe snel zoiets gaat zeg. En nu maar wachten. Een week of twee schat ik. Of zou de pop blijven zitten tot na de winter? De vliegtijd van de koninginnenpage loopt tot en met half augustus heb ik begrepen. Dat wordt dus nog even spannend.

Het kleine rupsje heeft zich hier ook al verpopt maar dat is een dramatisch verhaal voor de volgende keer.

De kleine rups ondertussen, vreet zich overal een weg doorheen en groeit ook als kool. Ze is inmiddels ook zo groot dat ze over enkele dagen gaat verpoppen. Ondertussen blijf ik in blijde verwachting.

De ooievaars zijn er weer!

Zo vanaf half augustus kan ik het niet laten om, als ik in de tuin sta, naar de lucht te turen op zoek naar de eerste ooievaars. Het is een beetje een hobby geworden de afgelopen jaren. Ik probeer zo veel mogelijk ooievaars te spotten die boven mijn tuin verschijnen en het doel is natuurlijk om het record te verbreken. Dat staat nu op ongeveer honderd vogels in een seizoen dat loopt van augustus tot en met november. Het seizoen van de najaarstrek.

De ooievaars laten zich namelijk regelmatig zien bij me thuis in het trekseizoen. De piek ligt tussen half augustus en begin september. Maar een paar weekjes dus. Ik vind het altijd een spectaculair gezicht: zo’n bel draaiende ooievaars, langzaam hoogte winnend op de thermiek. Vanaf het moment dat het wat begint op te warmen rond een uur of tien tot na vijven kun je ze waarnemen. Goed opletten dus en kijk eens wat vaker naar boven!

Afgelopen vrijdag kwam de melding dat er langs de Schoenaker, een plek waar vaker ooievaars overnachten, een grote groep aanwezig was. Ongeveer zeventig dieren, wat erg veel is voor Wijchense begrippen. Het is vlakbij waar ik woon en ik hoopte dan ook dat ik ze zou kunnen zien. En jawel hoor, rond kwart over tien kon ik heel in de verte de eerste vogels zien opschroeven. Langzaam kwam de hele bel omhoog en gleed richting mijn huis, tot over de achtertuin, om vervolgens in zuid oostelijke richting te verdwijnen. Wat een prachtig gezicht zeg. En voor mijn telling een pracht start. Zo’n grote groep heb ik hier nog niet gezien. Ik heb nog lang zitten nagenieten.

Koninginnenpage (1)

Tot vorig jaar had ik nog nooit een Koninginnenpage gezien. Ik weet nog dat ik in mijn jeugd een boekje had, volgens mij van de Rabobank, waarin allerlei zeldzame dieren in Nederland werden besproken. De Koninginnenpage werd daarin als de Heilige Graal van de vlinders beschouwd en dat was hij voor mij als kleine jongen dus ook.

Nu heb ik mij nooit zo in vlinders verdiept, ik ben meer van de vogels, maar ik wist wel dat er bij mij in de regio een plek is waar toch vrij regelmatig waarnemingen worden gedaan. Ik ben er alleen nog nooit naar toe gereden om eens zoeken. Dat wilde ik wel eens gaan doen, het kwam er alleen nog niet van.

Totdat vorig jaar ineens de pages vrijwel overal werden gezien! Zelfs in mijn eigen achtertuin op de vlinderstruik! Ik vind het nog steeds maar bizar, terugdenkend aan dat boekje uit mijn jeugd. En ook dit jaar laten de vlinders zich weer zien, al zijn het er naar mijn gevoel wel minder.

Maar het wordt nog mooier, want een aantal dagen terug vond mijn oudste dochter een rups op de worteltjes in ons groentetuintje. Ik zag het meteen: een rups van de koninginnenpage. Ongelooflijk! De rups staat nu binnen in een mooie pot om de transformatie te kunnen volgen, samen met haar zusje of broertje, want er bleek nog een heel klein rupsje op de plant te zitten. Het experiment met mijn rommelige voortuintje en wilde planten blijkt nu al een succes en levert ook de wilde peen waar ze van eten. Tof hè.

Steltkluut bij het Wijchens Ven

Op vrijdag 11 mei 2018 was er een zeldzame steltkluut te bewonderen bij het Wijchens Ven. Voor mij de eerste keer dat ik deze gracieuze schoonheid goed kon zien.

De kraanvogels komen!

kraanvogels

Koorts

Pak hem beet een week in het voorjaar en een week in het najaar slaat de koorts toe. Kraanvogelkoorts wel te verstaan. De trek van de kraanvogels is een van de meest spectaculaire natuurverschijnselen die je in ons land kunt zien. Groepen tot wel enkele duizenden dieren vliegen dan in lange slierten over met hun luide kenmerkende roep: een soort kroeeekrooee
kraanvogelDe gebruikelijke trekbaan van de kraanvogels ligt echter meest zuidoostelijk van Nederland zodat ze voornamelijk in Zuid-Limburg en Zuid-Oost Brabant te zien zijn. Maar soms, eens in de paar jaar, is de wind gunstig en trekken ze over een groter deel van ons land. Het is dus altijd spannend hoe het uitpakt.

Ik probeer al een aantal jaren de trek te zien te krijgen, maar zonder succes. Vruchteloze uren op de telpost en de lucht goed in de gaten houdend ten spijt. Sterker nog, tot nu toe heb ik ze nog maar een paar keer gezien en het grootste groepje was veertien dieren. Dat was tijdens een onverwachte ontmoeting een aantal jaren geleden toen ik een van de eerste keren op de telpost de Bruuk te vinden was.
Dus de kraanvogeltrek een keer echt goed zien en beleven was toch wel een van mijn grootste vogelwensen.

De dijk

Al een aantal dagen kwamen de berichten binnen dat de kraanvogels op hete kolen klaar zaten in Noord-Frankrijk. Het strengen winterweer hield ze nog even tegen. De omstandigheden leken met een zuidoosten wind enorm gunstig en de verwachting was dan ook een spectaculaire trek over Nederland. Zaterdag aan het eind van de middag werden de eerste meldingen in de regio gedaan. Oei, nu moest ik er bij zijn. Dit was mijn kans. Voor de zondag leek alles erg gunstig en ik besloot dan ook bijtijds naar de Wijchense telpost op de dijk bij Balgoij te gaan staan.

kraanvogelIk was er tegen tien uur, nog alleen, en het was prachtig weer. Het voorjaar hing duidelijk in de lucht. Het was dat de straffe zuidoosten wind het nogal koud maakte. Overal lag ook nog ijs en was het een winters tafereel in de Loonse Waard. Er zaten duizenden kolganzen aan de overkant in Keent en rond de slaapplaats in de Loonse Waard hingen ook een paar duizend meeuwen rond. Er was genoeg te zien en te beleven. De kieviten begonnen te trekken net als de veldleeuweriken. Maar van kraanvogels nog geen spoor.

De eerste twee ontdekte ik na een uurtje en zo sprokkelden we, er was inmiddels gezelschap, de uren er na nog een aantal bij. Vanuit Limburg kwamen meldingen van massale trek, maar het duurde tot ver in de middag tot er berichten uit Noord-Brabant kwamen van groepen die onze richting uit vlogen.

De spanning stijgt

Tegen half vier had ik er genoeg van. Ik was inmiddels koud tot op het bot en het duurde me te lang. Dus ik begon mijn spullen in te pakken totdat mijn telgenoot riep: “ik hoor ze!”
En verdorie, uit de richting Overlangel hoorde ik ze ook aankomen en toen zag ik een streep boven de A50 vliegen, vrij ver weg. Een groep van viertentwintig kraanvogels vloog onder luid geroep naar het noordoosten. We konden ons geluk niet op, het lange wachten was beloond.

kraanvogelMaar inmiddels ontplofte ook de telefoon van het aantal meldingen dat de vogels nu echt wel onze kant op kwamen. “Nu gaan we ook door tot het donker, zei ik.” Even een appje naar huis dat ik het eten niet ging halen en weer wachten. Inmiddels kwamen er meer vogelaars bij ons staan en we wachten gespannen af.

Kranen!

En daar kwamen ze!. Het begon al wat donkerder te worden door de toenemende bewolking toen de eerste grote groep van meer dan honderd vogels recht op ons af kwam vanuit Brabant. Wat een geweldig gezicht! Een breed front van grote grijze vogels die traag en sierlijk, luid roepend door de lucht bewogen. Ongelooflijk mooi!
kraanvogelEen daar bleef het niet bij. Uiteindelijk waren het meerdere groepen van meer dan honderd dieren die overkwamen tot het donker werd. Uiteindelijk meer dan zeshonderd!
Het was uiteindelijk een hele lange dag en ik was moe en koud en mijn ogen waren rood van het turen door de kijker. Het was het allemaal waard, ik heb de kraanvogeltrek mogen zien!

Ook de afgelopen twee dagen vlogen ze nog volop, dus houd de lucht goed in de gaten. Het zouden zo maar eens geen ganzen kunnen zijn ;).

 

 

 

 

 

De pestvogel

pestvogel

Mijn vader

Het was een gewone zaterdagmiddag toen er een app-berichtje binnenkwam: er waren pestvogels gezien in het centrum van Wijchen. Nu rijd ik niet snel op dit soort meldingen af, maar in dit geval was a: het om de hoek en b: een pestvogel.
De pestvogel heeft toch een soort magische klank voor me en ik had er nog  nooit één gezien. Ik herinner me nog de verhalen van mijn vader toen ik klein was. Hij was als jongeman een actieve vogelaar toen hij in het klooster van St. Agatha zat om priester te worden. In zijn vrije tijd was hij met vogels bezig en hield daar ook aantekeningen van bij. Hij gaf zelfs de waarnemingen door aan de Universiteit van Wageningen! Er is helaas niets van bewaard gebleven en de beste man is al twintig jaar geleden overleden. Ik weet daarmee alleen nog wat ik me kan herinneren als kleine jongen. Het vogelen hebben we nooit kunnen delen helaas en dat spijt me eigenlijk nog steeds wel eens.

De Kist

Zo herinner ik me dan ook dat hij ooit de pestvogel had gezien maar daarna nooit meer. Waar en hoe weet ik niet, maar het is waarschijnlijk dat dat in de buurt van het klooster was.
Toen ik nog een kleine jongen was gaf hij mij zijn exemplaar van de Kist (de Petersons). Het was zo’n grijzige met een neplederen kaft. Ik heb hem jaren gehad en zat er vaak in te bladeren om de plaatjes in me op te nemen. Geweldig vond ik het. De pestvogel was een van die vogels die ik ooit hoopte te zien.

En toen kwam daar het berichtje. Ik zette mijn jongste dochter op de fiets, we waren samen thuis, en vertrokken richting centrum. Al snel kwam ik andere vogelaars tegen die allemaal liepen te zoeken waar het beestje uithing Een valse melding van wat een appelvink bleek te zijn gaf even hoop, maar na een uurtje moest ik toch weer richting huis.
Toen ik bijna de wijk uit was zag ik ineens een medevogelaar staan die ik kende en die naar een boom stond te kijken met zijn verrekijker. “Daar zit hij, in die kronkelwilg, zei hij lachend” En ja hoor, daar was de pestvogel. Ik had mijn kijker nog niet voor mijn ogen toen het beestje opvloog en in een andere boom ging zitten met vol tegenlicht. Helaas moest ik met de kleine naar huis en het was dus kort maar krachtig, maar ik had mijn pestvogel!

Een tweede kans

Het mooie weer van vanmorgen plus het feit dat de pestvogel inmiddels in dezelfde tuin op de vuurdoorn bleef foerageren, lokte me weer naar buiten, maar nu met een camera! Toen ik aankwam waren er al weer andere vogelaars aanwezig en de pestvogel zelf zat op een muurtje. Ik heb de vogel mooi kunnen vastleggen en ik moest toen ik daar stond weer even aan mijn vader denken. Hij was er graag bij geweest!

Nu moet ik jullie natuurlijk ook nog even meegeven waarom het een pestvogel heet  De pestvogels zijn wintergasten uit het hoge Noorden en afhankelijk van het voedselaanbod komen ze in meer of mindere mate deze kant op. Soms is er dan sprake van een invasie (dit jaar niet overigens). In de middeleeuwen geloofde men dat deze vogels de pest meenamen, waar vervolgens enorme aantallen mensen aan overleden. Dat is natuurlijk niet zo. Kijk maar eens hoe mooi hij is ondanks zijn duistere naam!

 

Boom

boom

Ik ben jouw beschutting tegen regen
Jouw schaduw in felle zon
Jouw rust in stadse rat-race van druk, druk

Ik ben jouw adem in fabrieksstank
Jouw groen tegen zenuwslopend computerlicht
Jouw herkenning van jezelf

Ik geef jou ruimte om te leven
Ik geef jou kracht te creëren

Mens. Jij en ik

Dans om me heen
Bruis, sprankel en dartel met mij
Leef met mij
Speel met mij

Omarm me
Knuffel me

Knutsel leuke dingen van mijn vruchten
Pluk de paddenstoel aan mijn voeten
Bekijk de velden speenkruid, viooltjes en bosaardbeitjes om me heen
Geniet van de huppelende eekhoorn in mijn takken
Ik maak jou blij

Luister: de vogeltjes die voor jou zingen
Hoor: het ruizen van mijn bladeren
Voel: mijn zachte zucht

Ik ben het centrum van het leven op aard
Mens. Jij en ik

Jij maakt van mij huizen, meubels, spoorbielzen, papier, kachelhout
Ontelbare spullen en dingen: kleding, medicijnen, voedsel, olie
Van jouw wieg tot jouw graf ben ik overal

Ik moet verdwijnen voor steden- en wegenbouw
Voor delfstoffen en fabrieken
Voor monoculture landbouw en monotone steentuinen
Ik moet verdwijnen voor hebzucht, waanzin, idioterie en bekrompen denken

Ik mag er niet zijn
Ik ben lastig, een hindernis
Ik sta in de weg
Ik moet gekapt, vermalen, vernietigd

Mijn oorspronkelijke bossen zijn gesloopt
De oerbossen in Europa weg
De Amazones kaal
Wereldwijde vernietiging

Mijn wouden ademen niet meer
Mijn dieren dartelen niet meer
Mijn planten bloeien niet meer

Mens. Jij en ik
Ik ben jou en jij bent mij

Ik ben jouw levenskracht, jouw adem, jouw leven

Kom naar mij
Praat met me
Ik luister
Leg je zorgen aan mijn wortels
Rust je moede hoofd tegen mijn stam

Ik troost je
Ik omhels je
Ik knuffel je
Ik hou van je

Mens. Jij en ik
Ik ben jou en jij bent mij

Ik ben boom

 

Auteur: Trudy Maassen

 

 

Een half uurtje pauze: terug naar de Graafse Raam

hazelaar-graafse raam-pauze-rustmoment-beweging

Veertien jaar lang heb ik mijn middagpauze doorgebracht in het gebied van de Graafse Raam nabij Escharen. Elke middag een half uurtje naar buiten, wandelend langs de Raam, de akkers en de bunkertjes van de Peel-Raam linie.

graafse raam-pauze-rustmoment-beweging
Terugkeer naar de Graafse Raam

Een half uurtje frisse lucht en ontspanning dat ik zo nodig had ten opzichte van de staat van opperste concentratie tijdens de werkdag. Ik vond het er altijd heerlijk en het half uur was me eigenlijk te kort. Weer of geen weer, als het maar even kon moest ik naar buiten. Het liefst had ik er de hele dag rondgezworven want ik ontdekte er altijd wel wat leuks. Helaas zat dat er natuurlijk niet in, want er moest toch ook nog worden gewerkt.

Zintuigen en geluksmomentjes

Het liefst liep ik alleen, want dan kon ik me helemaal afstemmen op de natuur. Dat ging eigenlijk altijd vanzelf doordat ik makkelijk kon ontspannen buiten. Totale concentratie op het gebruik van mijn zintuigen. Speurend naar de ijsvogel bijvoorbeeld. Ik herinner me nog hoe enorm geraakt ik was toen ik deze soort voor het eerst daar zag. Misschien was het zelfs mijn allereerste, dat weet ik niet zeker meer. Het was een emotioneel moment omdat het me even weer met mijn vader in contact bracht en een glimlach op mijn gezicht toverde. Hij had het graag meebeleefd als vogelliefhebber, dat weet ik zeker! En wat een schoonheid is het ook dat ijsvogeltje! Ik heb de blauwe flits er daarna nog vaak gezien.

En wat dacht je van reeën, fazanten, grote zaagbekken, geelgorzen en die ene rode wouw. Ja, zelfs misschien wel patrijzen of kwartels. Dat laatste weet ik niet zeker want ik was toen nog geen bewuste vogelaar. Ik herinner me nog wel als de dag van gisteren die kleine bolletjes die zich op een rijtje friemelend langs een akkerrand voortbewogen. Nou ja, het doet er ook niet meer toe. Ik genoot er van en ontdekte regelmatig weer wat moois tijdens mijn wandelingetje.

In de loop der jaren waren er heel wat van deze kleine geluksmomentjes; de natuur me wist me regelmatig compleet te verrassen. De wandeling was dan ook een echt oplaadmoment voor me en absoluut noodzakelijk om mijn werk goed te kunnen doen.

Vier jaar later en een roerdomp

Inmiddels is het vier jaar geleden dat ik voor het laatst langs de Graafse Raam heb gewandeld. Een nieuwe richting in mijn leven als wandelcoach heeft me op andere paden gebracht, mede dankzij mijn eigen dagelijkse ervaring van de natuur als energiebron.

Het was de roerdomp die me weer richting Escharen lokte. In januari verbleef er een tijdje een roerdomp in het gebied waar ik vroeger altijd wandelde. Ik heb de roerdomp nog nooit gezien, laat staan gehoord. Wat al een sensatie op zich moet zijn en dus kriebelde het. Ik wist dat er in dat deel langs de Raam maar een paar rietkraagjes waren en dus het moest er maar eens van gaan komen. Dat lukte alleen niet eerder dan toen de waarnemingen van de roerdomp al waren opgedroogd. Weinig kans meer dus, maar ik vond het toch ook wel weer erg leuk eens terug te keren naar mijn oude wandelgebied.

Een koude oostenwind

De autorit richting Escharen bracht veel herinneringen naar boven en dat was een fijn gevoel. Veertien jaren zijn tenslotte ook niet niks. Tijdens de rit vielen me allerlei dingen op die ik al weer was vergeten. Raar is dat toch, dat een hele wereld waar je zo lang actief in bent geweest, ineens verworden is tot een paar flarden in je gedachten.
Nadat ik de auto had geparkeerd begon ik aan de wandeling langs mijn vertrouwde route. Het viel me meteen op dat alles nog precies hetzelfde was. Het had zo gisteren kunnen zijn dat ik er voor het laatst had gelopen.

grote zilverreiger-graafse raam-pauze-rustmoment-beweging
Een grote zilverreiger op wacht langs de Peel-Raam linie.

Het was een koude dag. Loodgrijs en nevelig met een windje uit het oosten dat de gevoelstemperatuur nog wat deed zakken. Het was dan ook stil buiten. De natuur werd op deze dag nog niet uitgenodigd het komende voorjaar te begroeten. Het enige teken wat ik daar van zag, waren de her en der bloeiende hazelaars. Met hun lange katjes en kleine rode bloempjes wel heel erg fraai.

Ik wandelde langs de bekende rietkraagjes en tuurde met mijn kijker het riet in of de roerdomp zich toch niet nog stiekem ergens verborg. Maar ik zag hem niet. Misschien hij mij wel, want het is een meester in de camouflage, dat zullen we nooit weten. Wie weet zat hij verder op nog ergens in het gebied verstopt, maar ik wist dat ik daar niet zo dicht meer langs de Raam kon komen.

Een piepklein spechtje

Mijn tocht voerde verder langs het Langven waar ook de runderen en paarden graasden. Op een hersteld stukje rivierduin had ik een mooi uitzicht over het ven en kon ik de grote groepen wintertaling en slobeend goed zien. Jammer genoeg hadden ze mij ook gezien, stelden blijkbaar geen prijs op mijn gezelschap, en vluchtten allemaal naar de andere kant van het ven.

Ik besloot door te lopen richting Tongelaer omdat ik daar weer bij de Raam zou kunnen komen. De hele ochtend kwam ik vrijwel geen mens tegen. Heerlijk. En ondanks dat het koud was, had ik er geen last van en genoot alleen maar van de rust en het buiten zijn.
Weer bij de Raam aangekomen zag ik dat er hier nog wel wat rietkraagjes waren, maar veel te ver weg om te observeren. Als die roerdomp zich daar nog verstopte, had ik dus mooi pech. Ik maakte dan ook maar een rondje in een stukje bos waar ik nog nooit eerder was geweest. Afgezien van een vijftigtal wilde eenden die rustig op het water dobberden en er met een hels kabaal vandoor gingen toen ik op het toneel verscheen, viel er niets te beleven.

graafse raam-pauze-rustmoment-beweging-specht
Kleine bonte specht in de buurt van Mill, Kammerberg en de Graafse Raam.

Totdat er een kleine vogel op een tak landde in de populier die ik net was gepasseerd. Ik dacht aan een pimpelmees, maar mijn hart maakte een sprongetje toen ik een kleine bonte specht in mijn kijker zag. Hij, want dat was het, bleef rustig zitten en gaf me zelfs de gelegenheid om mijn fototoestel te pakken. Toen vloog hij op en ging voor me in een els zitten poseren. Bedankt meneer specht! Wat een prachtig beestje, zo klein als een mus, en prachtig zwart wit getekend. Het was pas de derde keer of zo dat ik er een zag en die keren kan ik me nog goed herinneren. De natuur gaf me weer een kadootje!

Een reis terug in de tijd

Na de kleine bonte specht keerde ik weer om, want het was me te ver om nog helemaal rond Gassel te lopen en dus liep ik weer terug naar Escharen. Al met al toch een hele wandeling waar ik een ochtend zoet mee was. Het was een schitterende tocht door een stil verlaten landschap. Eerlijk gezegd heb ik het zo het liefst. Niemand om me heen. Het geeft me altijd zo’n oer gevoel. Zo’n gevoel van hoe de wereld er uit heeft gezien toen er nog nauwelijks mensen waren. Ik vind dat altijd een hele bijzondere ervaring.

graafse raam-pauze-rustmoment-beweging
De Graafse Raam nabij Escharen.

Afgezien van een zwarte specht die me nog wist te verrassen onderweg, kwam ik niets bijzonders meer tegen en ik liep dan ook stevig door richting de auto. Ik had honger en ik wilde nu naar huis. Onderweg nam ik nog wel de tijd wat foto’s te maken om een impressie van de dag te kunnen laten zien in dit artikel.

Zo kwam er een einde aan deze bijzondere dag. Een reisje terug in de tijd, want ook tijdens de wandeling borrelden er natuurlijk nog veel meer herinneringen op. Het zal deze keer dan ook geen vier jaar meer duren om weer terug te keren.

Rustmomenten en beweging

Tijdens het schrijven van dit artikel ben ik door wat berichten in de media en gesprekken met bekenden weer gaan beseffen hoe belangrijk rustmomenten en voldoende beweging tijdens je werk zijn. De boog staat vaak lang gespannen en de druk is hoog. Dan is het juist zo belangrijk dat je even je momenten neemt om afstand van het werk te nemen. Loop een rondje in het bedrijf of maak een praatje. Even uit je concentratie en jezelf opladen. Met een mooi woord noemen ze dit ook wel micro breaks.

Als je de hele dag staand of zittend werk doet is beweging ook erg belangrijk. Wetenschappers komen er steeds meer achter dat langdurig zittend werk helemaal niet gezond voor je is. Ik kan dat uit eigen ervaring onderschrijven. Ga dus lekker even wandelen tijdens de pauze.
Misschien zijn dit soort dingen helemaal niet gebruikelijk binnen de bedrijfscultuur waar je werkt, maar ik verzeker je dat je per saldo op je werk alleen maar langdurig beter inzetbaar bent en ook nog eens gelukkiger. Gewoon doen dus wat goed voor je voelt.

En nu houd ik er over op. Graag tot een volgende keer weer!