MAS telling in het Wezelse Veld

Wat is MAS?

Het Wezelse Veld is mijn favoriete plek om tellingen te doen in mijn woonplaats. Het is een buitengebied met grasland, landbouw en veel groen in de vorm van bos en struweel dat behoorlijk rijk is aan vogels. Inmiddels doe ik daar jaar rond meerdere soorten tellingen die op deze site al beschreven staan. De laatste toevoeging is de zogenaamde MAS telling: Meetnet Agrarische Soorten.

De doelstelling van MAS is een broedvogel monitoring in agrarisch gebied. Voor zo ver mij bekend wordt dat rondom Wijchen nog nergens gedaan. Voor het Wezelse Veld is het een logische aanvulling om jaar rond tellingen te kunnen doen en data te verzamelen. Gedurende vier telrondes in het voorjaar worden de aanwezige vogels geteld en ingedeeld naar broedactiviteiten. Het gaat hier alleen om soorten aan de grond, bomen en struiken.

Het Steegje

De tellingen

Een MAS telling wordt opgebouwd door minimaal vijf telplots te selecteren via een digitale kaart bij SOVON. Daarop is Nederland in feite in een raster verdeeld waarbij je de plots selecteert die voor jou van toepassing zijn. Mijn telplots zijn te vinden bij:

  • Het Steegje: aan het eind van dit doodlopende straatje
  • Wezelse Plas: op iets meer dan de helft van het schouwpad langs de Woeziksche Leigraaf
  • Bouwhofstraat: aan het eind van dit doodlopende straatje
  • Wezelsche Veldweg: ter hoogte van het Uiversnest
  • Hoek Wezelsche Veldweg en Broekstraat

Rondom het telpunt ligt een cirkel met een straal van driehonderd meter waarbinnen je de waarnemingen invoert. Een voorbeeld van een telplot zie je hieronder.

In een tijdsbestek van tien minuten worden de waarnemingen genoteerd door een stip te plaatsen op de kaart en deze van een broedcode te voorzien. Die kan variëren van een soort ter plaatse maar niet gebonden aan die plaats (en geen broedlocatie) zoals een kraai aan de grond tot aan de nesttactiviteit of nestvondst van broedende soorten zoals de kievit.

De soorten

In 2020 heb ik de MAS telling voor het eerst gedaan en nu moeten we nog één ronde in dit jaar. Wat heeft dat opgeleverd?

Op de eerste plaats zijn er opvallende verschillen tussen de telplots. Het landschap is ook overduidelijk niet gelijk. Zo zijn het Steegje en de Bouwhofstraat het meest op een mengeling van landbouw en grasland gericht met daartussen slootjes en een leigraaf. Begroeiing is er nauwelijks. De andere plots bestaan met name uit grasland en hebben ook struweel, lanen en zelfs bos en een plas. Je kunt je voorstellen dat de weidevogels en agrarische soorten met name in de eerstgenoemde plots voorkomen.

Grote bonte specht bij de Wezelse Plas

Zo zijn er diverse paartjes kieviten te vinden. Omdat ik niet integraal tel, schat ik een paartje of acht. Daarnaast zijn er ook scholeksters te vinden. Dat de kieviten er broeden leidt geen twijfel, het broedsucces is een ander verhaal. Bekend is dat de kievit het moeilijk heeft. Ze doen meer en meer broedpogingen op de kale akkers in het vroege voorjaar en de eerste leg gaat al vaak verloren als de boer zijn land gaat bewerken. Of de scholekster er broedt weet ik niet. Er zijn wel meerdere broedende paartjes te vinden op het nabij gelegen industrieterrein Bijsterhuizen. Het kan zijn dat die paartjes in het Wezelse Veld foerageren.

De wulp heb ik inmiddels ook aangetroffen, maar van broedpogingen is mij niets bekend. De waarnemingen zijn daarvoor ook wel erg incidenteel.
Dan heb je nog soorten als de roodborsttapuit en grasmus die je algemeen tegenkomt in het buitengebied. Ook deze soorten broeden hier ongetwijfeld. De gele kwikstaart, een andere bekende soort van het agrarisch gebied, vind ik maar op één telplot: de Bouwhofstraat. Aangezien er vaak vroeg gemaaid wordt, heb ik mijn twijfels over broedpogingen, laat staan broedsucces. Dit jaar werd er veel later gemaaid door het lange koude en natte voorjaar. Of dat een voordeel is geweest weet ik niet.

Roodborsttapuit mannetje

De leukst aangetroffen soorten zijn onder andere een nachtegaal bij de Wezelse Plas. Zowel in 2020 als 2021 op dezelfde plek. Helaas betreft het hier voor zover mij bekend een ongepaard mannetje dat verschillende weken ter plaatse is gebleven .
Dan is er uiteraard het patrijzenpaar aan de Bouwhofstraat. Een prachtige ontdekking want dit is het eerste paar aan de noordkant van Wijchen in misschien wel vijfentwintig jaar. Ik verwijs hiervoor ook naar het artikel: Patrijzen op de grens tussen Wijchen en Beuningen. Het paar heb ik voor het laatst op 16 april waargenomen. Daarna is het perceel met (ik denk) wintertarwe ondergeploegd en is er mest uitgereden en overal gemaaid. Een behoorlijke verstoring dus en inmiddels is het broedseizoen aangebroken. Geen idee nog waar ze nu zijn. Ik vermoed nog wel in de buurt.
Rond die zelfde plek heeft ook langere tijd een tweetal tureluurs rondgehangen. Die heb ik sinds de genoemde werkzaamheden niet meer gezien en als het al een paar betrof vermoed ik geen broedpoging. Bij de laatste telling verbleef er een kleine plevier, ook zo’n leuke soort!

Geul in landbouwperceel Bouwhofstraat waar de tureluurs zich ophielden. De kleine plevier is nog net zichtbaar.
De beide tureluurs

In het grasland en langs de oevers van de sloten zijn uiteraard de bekende soorten te vinden zoals grauwe gans, wilde eend, krakeend en meerkoet. Deze broeden er ook. De enige bijzonderheid in deze soortengroep is een paartje mandarijneenden dat verblijft bij de Wezelse Plas. Dit zijn zeer vermoedelijk ontsnapte exemplaren van de nabijgelegen boerderij de Kavel.

De blauwe reiger wordt ook regelmatig waargenomen en hiervan is een broedkolonie bekend in het Leurse Bos op een locatie dichtbij de kruising Wezelsche Veldweg en Broekstraat.

Samenvattend

De MAS tellingen hebben tot nu toe geen verrassingen opgeleverd behalve het paartje patrijzen. Van dit paartje heb ik wel de verwachting dat ze zijn gaan broeden in het telgebied. De komende maanden zullen uitwijzen of dit het geval is geweest. Hopelijk zijn de werkzaamheden niet te verstorend geweest.
De tureluurs zijn wel langere tijd aanwezig geweest, maar daarvan denk ik niet dat er een broedpoging is geweest omdat ze tijdens de broedtijd niet meer zijn waargenomen. Opvallend is wel dat ze er al twee jaar op rij zijn geweest. Zeker een soort om goed in de gaten te houden.

Naast de meerdere paartjes kieviten zijn er alleen algemenere soorten te vinden in de telgebieden die passen bij de inrichting zoals bos, struweel en grasland. De gebieden lenen zich ook niet echt voor grote en bijzondere aantallen agrarische soorten. De meeste percelen zijn daarvoor te droog en te intensief beheerd.

Desondanks is het toch leerzaam om te zien welke soorten er gedurende het jaar in het gebied rondom de Wezelse Plas en het Wezelse Veld zich ophouden. Zeker als er een aantal jaren data worden verzameld zijn hier hopelijk trends te ontdekken. Bovendien zijn de data ook bruikbaar als er over herinrichtingsplannen zou worden nagedacht.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.