Trektellen bij de Wezelse Plas: resultaten

Het trektel seizoen voor dit jaar zit er weer op en dat betekent dat ik de balans kan gaan opmaken om de resultaten te zien van mijn project bij de Wezelse Plas. Weet u het nog? Op zoek naar een nieuwe telpost zo dicht mogelijk bij huis en bereikbaar met de fiets, viel mijn oog op de Wezelse Plas bij Wijchen. Na een eerste verkenning in de zomer zag ik wel mogelijkheden om het er eens een seizoen te gaan proberen. En zo geschiedde.

De telpost

Bij een telpost wil je met name goed zicht hebben, het liefst naar alle richtingen. Daardoor kun je de vogels goed zien aankomen, maar ook nog even volgen als ze de telpost zijn gepasseerd. In bepaalde omstandigheden zie je de vogels beter als ze al voorbij zijn. Bij de Wezelse Plas zijn die omstandigheden best wel goed, maar ook niet ideaal. Er zijn twee belangrijke hindernissen. Ten eerste is het zicht rechtsachter (zuidoost) geblokkeerd door de bosrand die de plas omsluit. Aangezien je in het verlengde van die bosrand staat, kun je overvliegende vogels dus niet meer volgen als ze telpost zijn gepasseerd. Dat is lastig.

Het zicht naar links, NW


Het goede nieuws is dat de trek met name links van de telpost passeert en daar is het zicht veel beter. Dat brengt ons op het tweede punt namelijk de rij wilgen langs de wetering. De post bevindt zich tegen de wetering aan die langs de bosrand van de plas loopt. Links van de post staat een rij wilgen. In het begin van het seizoen waren die helemaal opgeschoten en daarmee werd het zicht direct links behoorlijk geblokkeerd. Begin oktober zijn er een aantal geknot en gelukkig ook de twee die het dichtst bij staan. Daarmee werd het zicht weer goed. De wilgen vormen dus een probleem.
Verder is de telpost erg rustig. Behoudens een enkele visser of natuurliefhebber tref je er niemand. Ook is er weinig tot geen geluidsoverlast. Dat maakt de telpost tot een prettige plek.

Vogels ter plaatse

Om een indruk te krijgen wat er allemaal rondom de Wezelse Plas leeft, heb ik vrij nauwkeurig bijgehouden welke soorten ik tijdens elk bezoek ben tegengekomen. Daarbij ging het niet zo zeer om de aantallen vogels als wel om het aantal soorten. Ik heb zevenenvijftig soorten geteld ter plaatse. Het meest opvallende is wel dat de plas dient als slaapplaats voor grote zilverreigers. Tot wel negenentachtig vogels heb ik geteld die in de ochtend uit de slaapplaats vertrokken. Er slapen ook aalscholvers en ganzen. Als opvolging van dit project ga ik deze winter een slaapplaats telling uitvoeren voor de grote zilverreigers.

De trek

En dan waar het allemaal om draait: de vogeltrek. Ik heb de post vanaf augustus tot en met november bezocht. Gedurende het hele trekseizoen dus. Het aantal bezoeken is beperkt en daarmee zijn de aantallen en soorten een indicatie voor de trekbeweging. Daar moet ook nog bij worden meegerekend dat ik geen volleerd teller ben. Een goede teller haalt ongetwijfeld betere resultaten.
Wat is er opgevallen? Ten eerste is het verloop van het seizoen, dus wanneer vliegt wat en in welke aantallen, goed terug te zien is in de resultaten. De piek zit duidelijk in oktober wat ook de maand is waarop de trek haar hoogtepunt bereikt. Na begin november stort het in en wordt het sprokkelen.

Grauwe ganzen

Ten tweede zijn heb ik van diverse soorten de trek mooi kunnen zien. Dat begon met de boerenzwaluwen die in grote aantallen aanwezig zijn. Ze blijven alleen rondhangen om te foerageren en de trek is daardoor moeilijk waarneembaar.
Ooievaars laten zich ook mooi zien op deze post. Een groep van vijftig is waargenomen, maar ik weet dat er in die tijd meerdere grote groepen daar zijn gepasseerd. Die heb ik vanuit de achtertuin kunnen volgen.
De beste dag was op 13 oktober toen de vinken trek haar hoogtepunt beleefde. Meer dan zevenduizend vogels! Ook de veldleeuwerik en spreeuw deden het behoorlijk goed.
De ganzen zijn ook goed vertegenwoordigd. Zowel kolganzen als grauwe ganzen trekken regelmatig voorbij. Veel ganzen verblijven echter ook vlakbij de post en dat veroorzaakt lokale vliegbewegingen die ik niet heb geteld.
De trek van lijsters zoals koperwiek en kramsvogel was niet indrukwekkend helaas. Er was één mooie dag met trek van zanglijsters in mooie groepen.
Helaas is ook de trek van houtduif erg achtergebleven, maar dat is een beeld dat ik op alle posten in de regio zie.

Bij de roofvogels bleef de trek voorzichtig. Wespendief, bruine kiekendief en blauwe kiekendief kwamen allemaal twee keer door. Torenvalk en sperwer deden het iets beter met vijf en drie keer. Daarmee was de buizerd de trekker in het grootste aantal. Op 7 oktober kwamen er eenenveertig door, waarvan meer dan dertig in een groep. De grote afwezigen hier zijn de visarend, smelleken en rode wouw. Soorten die ik hier op de post toch echt wel verwacht incidenteel waar te nemen.

Man blauwe kiekendief

Conclusie

Voor mij is het allerbelangrijkste dat een telpost een fijne plek is om te zijn en van vogels te genieten. Het helpt wel als die er ook zijn. Dat vind ik op deze post prima in orde. Wat dat betreft kom ik er volgend jaar graag terug.
Is het ook een goede telpost? Dat is een beetje ja en nee. Dat het geen top telpost is, was al duidelijk toen ik er startte. In onze regio blijft het toch achter in vergelijking met posten waar duidelijk meer stuwing is. Denk aan de Hamert in Limburg. Is dat erg? Nee, wat mij betreft niet. Volgens mij is de trek goed te volgen en is er voldoende te beleven, zowel in soorten als aantallen. Pas na meerdere jaren tellen ontstaat er een duidelijker beeld. Voor nu vind ik de Wezelse Plas een prima plek!

De resultaten

Het seizoen samengevat in cijfers.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.